Mijn visie op de vormgeving van het nieuwe Wmo-beleid

Onlangs had ik een afspraak met Wmo-wethouder Bart van Eeten, van de gemeente Lingewaard. Onder het genot van een heerlijke lunch hebben we gesproken over de wijze waarop we de Wmo vorm moeten gaan geven. Gedurende dit gesprek bleek dat onze visies hierop dezelfde zijn. Naar mijn idee is dit een visie die ik te weinig terughoor bij beleidsbepalers van andere gemeentes. Om dit te verduidelijken zal ik een aantal voorbeelden noemen.

Een eerste voorbeeld gaat over het begrip ‘indiceren’. Indicering vond haar oorsprong in 1997, en werd op advies van Price Waterhouse Coopers ingevoerd om de stijgende kosten van de AWBZ te beteugelen. Vijftien jaar later blijken die kosten alleen maar te zijn toegenomen. Bart van Eeten gaat er dan ook vanuit dat het fenomeen indicering zal verdwijnen. Als reden draagt hij aan dat door het administratieve circuit, dat onlosmakelijk met dit fenomeen verbonden is, het uitvoeren van indicering erg duur maakt. Dat geld kan dus niet worden besteed aan ondersteuning voor de mensen in de wijk. Mijn voorstel is dan ook om, voor de voorliggende Wmo-zorg in de wijk, echt te stoppen met indiceren. In plaats daarvan een verdeling te maken waarbij mensen die in de wijk wonen, makkelijk en zonder drempels gebruik kunnen maken van het wijkaanbod, waarbij er een standaard wijkorganisatie staat, met een vast budget. Hierdoor worden de financiële risico’s van de gemeente binnen de perken gehouden.

Een tweede element is het feit dat mensen, die zijn aangewezen op de Wmo, binnen hun wijk de mogelijkheid moeten krijgen om te kunnen wonen, werken en hun vrije tijd te besteden. Om dit te kunnen bewerkstelligen moeten wijkbewoners met én zonder beperking, met behulp van begeleiders en vrijwilligers, samen de sociale structuur van hun wijk verbeteren. In mijn ogen is het nodig dat de gemeente het aanbod gaat bepalen, de regie voert en dat instellingen zich laten aansturen door datgene wat voor de mensen in de wijk nodig is. Bart van Eeten en ik delen de mening dat de decentralisatie van de Wmo-gelden vanuit de AWBZ hierin een eerste stap is. In de toekomst zouden de gelden die nu nog binnen de AWBZ blijven, voor cliënten met een intramurale indicatie, op termijn ook naar de gemeentes moeten gaan. En met name in regionaal verband een bestemming gaan krijgen. Dus op een dusdanige manier dat de individuele gemeente op wijkniveau een aanbod formuleert. En dat de regio’s, bestaande uit verschillende gemeentes, een bovenregionaal aanbod formuleren voor het concept wonen, werken, welzijn en vrijetijdsbesteding.

Afgelopen donderdagavond was er een inspraakmogelijkheid bij de gemeente Wijchen. Daar heb ik deze standpunten ook verwoord. 

Ik ben benieuwd naar jouw mening over mijn ingenomen standpunten. Daarom vraag ik je om jouw reactie te sturen naar communicatie@driestroom.nl.

X

Kans op vertraging in vervoer op donderdag 27 juni

Op donderdag 27 juni 2019 is er kans op vertraging in het vervoer in en rondom Nijmegen in verband met een concert in het Goffertpark.

Datum laatste wijziging: dinsdag 26 juni om 10.00 uur